Maarkelse Honing van 12-jarige imker

De Markelose Stijn Berendsen is 12 jaar oud en waarschijnlijk de jongste imker van Markelo. Vorig jaar kocht hij zijn eerste bijenvolk. Dit jaar heeft Stijn al driemaal honing kunnen oogsten. Zijn bijenvolk heeft inmiddels gezorgd voor zo’n vijftig potjes zuivere Markelose honing. De oogst startte half mei met potjes voorjaarshoning gevolgd door acaciahoning en lindehoning. Stijn vertelt dat de naam van de honing wordt afgeleid van de bloemsoort, die op dat moment bloeit en een sterke voorkeur heeft van het bijenvolk. Elke maand bloeit er wel iets anders waar de bijen de nectar en stuifmeel vandaan halen. Inmiddels is het aantal bijenvolken uitgebreid tot drie. Enthousiast laat Stijn ons kennismaken met zijn bijenvolken. Opvallend is dat er in de tuin weinig te merken is dat duidt op de aanwezigheid van de volle bijenkasten. Met zijn imkerpak aan en pijp in de mond showt Stijn een ‘raampje’ uit de bijenkast terwijl de bijen rond hem aan en af vliegen. “De bijen vliegen niet verder dan 3 kilometer van de kast vandaan, dus het is echt Maarkelse Honing”, vertelt Stijn lachend. 

Net als zijn vader heeft Stijn op 12-jarige leeftijd zijn eerste bijenvolk gekocht. “Ik kon het niet langer tegenhouden”, lacht Jan Henk Berendsen. “Ik vindt het heel interessant en boeiend want de natuur laat steeds iets anders zien. Je moet goed opletten dat de bijen niet gaan zwermen, want dan ben je ineens de helft van je bijenvolk kwijt”, vertelt Stijn. Zo worden de kasten telkens goed gecontroleerd en de verschillende stadia van eitjes leggen tot larven en poppen op de voet gevolgd. Trots vertelt Stijn dat hij zelfs een administratie bijhoudt en door de aanschaf van een aantal eenmalige uitgaven nog geen winst heeft kunnen maken. “We doen het samen. Mijn vader helpt me met het verzorgen van de bijenvolken en natuurlijk alles wat er verder bij komt kijken”, vertelt Stijn.

Vroeger werden de bijenvolken in korven gehouden. Jan Henk vlocht zijn eerste bijenkorf van roggestro, zonder dat iemand het in de gaten had. “Ik wilde natuurlijk niet weten voor ‘onze volk’ wat ik deed en liet hem pas zien toen de korf af was”, vertelt Jan Henk lachend. Het imkeren is op dit moment razend populair en dat staat natuurlijk in verbinding met de huidige tijd waarin biodiversiteit een belangrijke rol speelt. Ook de belangstelling voor de natuur en zelfgemaakte producten is groter dan een aantal jaar geleden.

Een bijenvolk kan bestaan uit tienduizenden bijen en door het bijvoeren van de imker kunnen de bijen overwinteren in Nederland. Elk bijenvolk heeft zijn eigen koningin en samenstelling. Bijen van een ander volk worden niet toegelaten tot de kast.