onsProat: Saamhorigheid

Bijna buiten adem kom ik aan op de voetbal, want wie te laat is staat wissel of haalt na afloop een blaadje bier. Wind tegen op de Larenseweg, wind tegen op de Kattenberg, wind tegen op de Endemansdijk, twee slecht opgepompte banden en op mijn rug een grote onhandige voetbaltas. Het is een hele strijd, maar een uitstekende warming-up. Zonder bezwaar trotseer ik de elementen en trap ik stevig door. Zo’n 24 zondagen per jaar moet ik werken, maar vandaag ben ik vrij. Het natte kort gemaaide gras wacht. Graadje of 10 en een klein buitje regen; het weer is perfect. Die najaarswedstrijden in de maanden oktober en november vind ik de allermooiste. Glibberen en glijden, meterslange slidings, onzichtbare witte lijnen en bij elke ademteug snuif je op veld 3 en 4 de kippen van Oplaat regelrecht je neusvleugels in. Elke tegenstander, op uitzondering van een doorgewinterde pluimveehouder na, is hiermee in zijn nadeel. Het zijn de enige wedstrijden die we verliezen onder de mooiste omstandigheden. De rest verliezen we onder normale omstandigheden. Via een omweg van 13 jaar lidmaatschap en een chronisch gebrek aan talent kwam ik terecht bij Markelo 7. We zijn niet zo heel goed. Onze keeper wel, maar die moet vaak mee met de betere teams. Een paar jaar geleden kregen we zelfs de afgedankte sokken van het eerste. De gevoelens die ik kreeg, van het lopen op sokken die misschien wel van mijn grote neef Steven of de topscoorder van het 1e waren geweest, waren met geen pen te beschrijven. Ook dat seizoen waren we niet zo goed. Er werden bijvoorbeeld nog meer kinderen dan punten gemaakt. Maar het geeft niet. We voetballen met plezier en weten allemaal dat we de bal niet naar Peter moeten spelen als er een tegenstander binnen steenworp afstand van hem staat.

Teamsport. Of je nu volleybalt, waterpoloot of basketbalt; het geeft voldoening en brengt saamhorigheid. Je wordt er groot van, maar soms ook heel erg klein. Twee keer deze maand werden we getrakteerd op een les ‘saamhorigheid’. Duizenden boeren vertrokken richting Den Haag met de trekker, het openbaar vervoer of met een bus gesponsord door een van de vele aanverwante bedrijven. Elke boer en iedereen gerelateerd aan de sector voelde zich trots deze dagen. In de stromende regen verzamelden we ons hier uit de buurt tot twee keer toe bij afrit Bathmen waar onze helden daar de afslag namen richting thuis. Lange tijd was het stil onder de boeren en waren we de schuld van bijna álles. Volgens sommige mensen zorgden we zelfs slecht voor ons vee. Op 1 oktober was de maat vol en lieten wij het aan heel Nederland zien: ‘Wij zijn boer en daar zijn we trots op!’ Niemand pakt ons deze herinnering en dat gevoel van trots meer af. Of we met de protesten bereikt hebben wat we willen bereiken, is nog niet duidelijk. Maar iedereen weet nu wie we zijn en onze boodschap is helder. Het belangrijkste is dat we er met zijn allen schouder aan schouder stonden want boeren zijn niet altijd geweldige teamspelers.

Ik ben trots op onze boeren. En nu de politiek nog!

Prettige zondag,

Christiaan Mensink