Aan de voet van de Dingspelerberg, aan de Larenseweg in Markelo, stond tot 1813 huis Keppels. Stichting Heemkunde Markelo heeft na uitgebreid archiefonderzoek nieuwe feiten over de geschiedenis van het verdwenen huis ontdekt. Bijzonder zijn ook dertig recente drone-opnamen van het terrein. Daarop zijn de contouren van de oude grachten na meer dan tweehonderd jaar nog opvallend goed zichtbaar. Huis Keppels werd eeuwenlang bewoond door vooraanstaande bestuurders, onder wie richters van Kedingen en scholten van Markelo. Na speurwerk in verschillende Gelderse en Overijsselse archieven heeft secretaris Anton Vedders van de Stichting Heemkunde Markelo ontdekt dat het huis rond 1625 werd gebouwd door richter Hendrick Wijchman. Hij was getrouwd met Allegonda de Grueter, dochter van de vorige richter Gerhardt de Grueter. Hun zoon, die eveneens Hendrick Wijchman heette, trouwde in 1653 met Joanna de Haes uit Deventer en volgde in 1657 zijn vader op als richter.
Rond het huwelijk van de jonge Hendrick werd het huis geschikt gemaakt voor bewoning door twee families. Er kwam een tussenmuur, hij kreeg een eigen toegang en bij het huis werd een zogenoemd bouwhuis gebouwd. Dit was een boerderij die mede voor de voedselvoorziening van de bewoners moest zorgen. Opmerkelijk is dat deze werkzaamheden werden betaald door Wilhelm de Haes, de schoonvader van Hendrick. De geschiedenis van deze plek gaat echter nog veel verder terug. Voor 1625 lijkt hier een versterkte boerderij te hebben gestaan die Pelsering werd genoemd. Die naam komt al in 1379 voor bij de belening van tienden die onder meer in eigendom waren van de heren van Hackfort bij Vorden.
Een andere vondst geeft meer inzicht in de overgang van Pelsering naar het latere Keppels. In 1558 werd het goed Pelsering gekocht door het echtpaar Joest Naegels en Anna van Keppel, bewoners van huis Ampsen bij Lochem. Rond 1600 woonde er Adolph Berck, scholte van Markelo. Hij was de broer van David Berck, richter van Kedingen. De nieuwe vondsten laten daarmee zien dat de plek gedurende lange tijd nauw verbonden was met lokale en regionale bestuurders en dat de geschiedenis ervan aanzienlijk verder teruggaat dan die van het zeventiende-eeuwse huis Keppels.
Hoe omvangrijk Keppels later was, blijkt uit een beschrijving uit 1782, toen het huis werd verkocht. Het complex bestond uit verschillende kamers en kelders, een tuinmanswoning en stallingen voor paarden en vee. Rond het huis lagen een hof met fraaie vruchtbomen, singels, bosjes en lanen met eiken- en beukenbomen. Ook waren er grachten, vijvers en een hooimaat. In de verkoopbeschrijving werd vermeld dat Keppels op vier uur reizen van Deventer lag en dat er dagelijks een postwagen passeerde. Ook op een kaart uit 1787 is te zien dat het destijds om een behoorlijk groot complex ging.
Het meest opvallende resultaat van het recente onderzoek is nu vanuit de lucht zichtbaar. Een specialist maakte dertig drone-opnamen van het terrein waarop huis Keppels ooit stond. Op de beelden tekenen de contouren van de voormalige grachten zich na meer dan tweehonderd jaar nog bijzonder duidelijk af. De droge weersomstandigheden van de afgelopen maanden hebben daarbij geholpen. De oude grachtsporen bevatten nog altijd meer vocht dan de omliggende bodem. Tijdens langdurige droogte worden dergelijke verschillen beter zichtbaar, waardoor vanuit de lucht patronen tevoorschijn komen die vanaf de grond nauwelijks zijn te herkennen.
Het voormalige huis stond aan de voet van de Dingspelerberg, achter de huidige panden van Vedders en Paalman aan de Larenseweg en deels in het rechts daarvan gelegen weiland van Oosterkamp. Ook op de grond zijn nog sporen van het vroegere complex aanwezig. Achter beide woningen bevinden zich nog bakstenen van de voormalige bijgebouwen. De combinatie van de nieuwe archiefvondsten en de bijzondere dronebeelden geeft zo een steeds duidelijker beeld van een stukje Markelose geschiedenis dat bovengronds vrijwel volledig is verdwenen. Het onderzoek van Stichting Heemkunde Markelo naar huis Keppels is dan ook nog niet afgerond en gaat verder.