Elke Feenstra, Diab Moussali, Brecht van den Einde en Twan van der Schoot
Een serie van 87 caramboles en een kwartfinale die na slechts acht beurten was beslist. Diab Moussali liet op weg naar de laatste vier van het biljarttoernooi tijdens het Dorpsfeest zien waartoe hij in staat is. Toch kijkt de 27-jarige Markeloër vooral naar wat er nóg beter had gekund. Want als je eenmaal op 87 staat, zo vindt hij zelf, moet je eigenlijk ook door kunnen gaan naar de honderd. Op donderdagavond 27 augustus krijgt Diab een nieuwe kans om zijn niveau te laten zien. Dan staat er bovendien iets op het spel wat nog op zijn persoonlijke lijstje ontbreekt: de titel Biljartkoning van Markelo.
In het dagelijks leven werkt Diab als IT-netwerkconsultant bij PQR in Utrecht. Ook buiten zijn eigen partijen is hij nauw betrokken bij de biljartsport. Met zijn onderneming OnzeStanden.nl ontwikkelt hij software en faciliteert hij biljartcompetities. Zelf staat hij inmiddels zo’n acht à negen jaar aan het biljart. Hij begon ooit samen met een groep vrienden, in een periode waarin het biljarten in Markelo weer aan populariteit won. Wat begon als een gezellige bezigheid werd gaandeweg steeds serieuzer.
In Markelo speelt Diab voor LOGO uiteraard bij Café Vennebekken. Daarnaast komt hij binnen de Koninklijke Nederlandse Biljartbond (KNBB) uit voor Café Bousema in Lochem. De afgelopen jaren ontwikkelde hij zich steeds verder als biljarter. Dit jaar onderstreepte hij dat al met het winnen van het Nederlands kampioenschap Libre Klein Hoofdklasse.
Binnen zijn voormalige biljartteam bij Toornsmit weet Diab wat het is om Biljartkoningen om zich heen te hebben. Zijn oud-teamgenoten Mark Mensinken Henri Beumer wisten de felbegeerde titel in het verleden al eens te veroveren. Diab hoopt zich natuurlijk bij dat rijtje te kunnen voegen.
Alles of niets
Aan de strijd om de Markelose biljarttitel doet Diab vrijwel ieder jaar mee. Ongeveer drie jaar geleden schopte hij het al eens tot de halve finale. Dat hij dit jaar opnieuw bij de laatste vier staat, vindt hij mooi, maar vanzelfsprekend was dat voor hem allerminst.
Door zijn niveau moet Diab zelf een flink aantal caramboles maken. Dat maakt een partij volgens hem al snel tot alles of niets. “Je kunt een hele goede partij spelen, maar als het even niet loopt ben je ook zo klaar.” Daarom kijkt hij tijdens het toernooi niet te ver vooruit en benadert hij iedere wedstrijd afzonderlijk.
Over zijn partijen tot nu toe is hij tevreden. De laatste tijd heeft hij weer wat meer getraind en hij merkt dat terug in zijn spel. Eén ontmoeting had daarbij een bijzonder tintje: de partij tegen zijn moeder Marjolijn Vennebekken. “We gunnen het elkaar allebei, maar ik heb toen wel de mooiste partij gehad, denk ik.”
87 caramboles in één serie
Zijn kwartfinale tegen Ronny Wes liet vervolgens zien hoe snel het kan gaan wanneer Diab eenmaal op stoom komt. Opvallend genoeg begon de partij helemaal niet goed. De eerste twee beurten leverden beide geen carambole op. In de derde beurt veranderde het beeld volledig. Diab kreeg de ballen onder controle en begon aan een serie die uiteindelijk pas bij 87 caramboles zou stoppen. “Tijdens die serie voelde ik al vrij snel dat het een goede partij kon gaan worden.” Vanaf dat moment groeide ook het vertrouwen dat hij de partij kon winnen. Na slechts acht beurten zat de wedstrijd erop.
Was dit voor hem een uitzonderlijk goede partij? Daar hoeft Diab niet lang over na te denken. “Ik zou liegen als ik zou zeggen dat het geen goede partij was. Een serie van 87 en de partij in acht beurten uitmaken is natuurlijk gewoon heel goed.” Maar vrijwel direct volgt de kritische kant van de biljarter. Want tevreden zijn met 87 doet hij niet helemaal. “Als je eenmaal op 87 caramboles staat, vind ik eigenlijk dat ik op dat moment genoeg focus en concentratie moet hebben om door te gaan en die serie van 100 of meer te maken.” Tijdens de serie had hij de ballen lange tijd goed onder controle. Naarmate de reeks langer werd, voelde hij die controle langzaam afnemen. Juist daarin ziet hij nog ruimte om zichzelf verder te verbeteren.
Systematisch en mentaal sterk
Het past bij de manier waarop Diab naar biljarten kijkt. Zijn kracht ligt volgens hem vooral in het systematische spel. Bij bepaalde figuren gebruikt hij vaste systemen om de ballen bij elkaar te krijgen en ze vervolgens ook bij elkaar te houden. Daarnaast beschouwt hij zijn mentale weerbaarheid als een sterk punt. Een tegenstander of de situatie rondom een belangrijke partij brengt hem niet snel van zijn stuk.
Zijn verbeterpunt sluit aan bij wat er tijdens zijn serie van 87 gebeurde: de concentratie vasthouden tijdens langere series. Soms verliest hij onderweg iets van de controle of scherpte. Wie er tegenover hem staat, verandert weinig aan zijn aanpak. Brecht van den Einde, Twan van der Schoot en Elke Feenstra kent hij alle drie goed, maar zodra een partij begint, is dat voor Diab niet belangrijk meer. “Of iemand er nou tien moet maken of 250: ik probeer iedereen hetzelfde te behandelen en vooral mijn eigen spel te spelen.”
Diab schuift favorietenrol door naar Elke
Opvallend genoeg wijzen zowel Brecht als Elke naar Diab wanneer hen wordt gevraagd naar een favoriet voor de titel. Zelf schuift hij die rol juist door naar Elke. Volgens hem heeft zij tijdens het toernooi veel mensen verrast. “Ze is heel sterk in het maken van de figuren die je op dat niveau gewoon hoort te maken en straft kansen goed af.” Bovendien zou hij het haar van harte gunnen.
Voor zijn eigen finaleavond verandert Diab weinig. Hij wil vooral met hetzelfde materiaal spelen als waarmee hij normaal gesproken traint. Geen bijzondere voorbereiding dus, maar vertrouwen op de aanpak die hem tot de laatste vier heeft gebracht. Toch steekt hij niet onder stoelen of banken dat hij de titel graag wil hebben. “Ik wil gewoon één keer Biljartkoning van Markelo worden, zodat ik die van mijn lijstje kan afstrepen. Dat lijkt me gewoon ontzettend mooi.”
Misschien is dit volgens hem ook wel het goede moment. Diab wil zich de komende jaren blijven ontwikkelen. Als zijn niveau stijgt, zal ook het aantal caramboles dat hij tijdens het Dorpsfeesttoernooi moet maken verder oplopen. Daarmee wordt de opgave er niet gemakkelijker op. “Dus als het een keer moet gebeuren, mag het wat mij betreft dit jaar wel.”
Op 27 augustus hoopt hij familie en vrienden langs het biljart te zien, maar wat Diab betreft blijft het daar niet bij. Iedereen die het Dorpsfeest graag met een drankje en een potje biljaren wil openen, is welkom. “Hoe meer mensen er staan, hoe mooier de sfeer.”